In deze fase krijgen kinderen meer grip op wat ze doen. Ze hebben al heel wat beweegervaring opgedaan en leren nu hun bewegingen beter sturen, herhalen en combineren. Zwemmen, fietsen, lopen en eenvoudige wissels blijven speels en laagdrempelig, maar krijgen iets meer richting.
Kinderen leren veilig bewegen, samenwerken, afspraken volgen en stap voor stap zelfstandiger worden. De basis leggen draait om vertrouwen opbouwen. Kinderen hoeven nog niet te presteren of te specialiseren, maar ontwikkelen wel de vaardigheden, gewoontes en positieve ervaringen waarop ze later verder kunnen bouwen.