Klaar voor de start

In deze fase draait fysieke ontwikkeling niet om trainen zoals bij oudere sporters. Kinderen bouwen hun fysieke basis vooral op door veel, gevarieerd en speels te bewegen.

Kracht, mobiliteit, uithouding, snelheid, coördinatie en evenwicht worden niet apart of op een schoolse manier getraind, maar verwerkt in spelvormen, parcours, watergewenning en brede bewegingsopdrachten. Het doel is dat kinderen hun lichaam beter leren gebruiken, vertrouwen opbouwen en plezier beleven aan bewegen.

Krachtontwikkeling gebeurt in deze fase op een speelse en natuurlijke manier. Kinderen leren kracht gebruiken door te duwen, trekken, klimmen, klauteren, dragen, steunen, springen, landen, kruipen en rollen.
Er is geen plaats voor zware belasting, maximale inspanningen of prestatietesten. Het gaat vooral om lichaamscontrole, veilig bewegen, kracht doseren en samenwerken in spelvormen.